maandag 26 juli 2010

Dag 76: Fornovo di Taro - Cassio (20 km)

Zondag 18 juli 2010
Vanaf Canterbury: 1506 km
Tot Rome: 578 km

Gisteren natuurlijk veel te laat naar bed gegaan. En na een koel nachtje is het daarna moeilijk mijn bed uitkomen. Om 6.45 uur kunnen we al ontbijten. Dat is voor een zondagmorgen in een hotel uitzonderlijk vroeg; maar wel zo fijn. En dus zitten Karin en ik dan al aan het ontbijt. Even later komt ook Peter beneden. Hij brengt ons naar Fornovo di Taro. Karin loopt dan tot Sivizzano mee en Peter haalt haar daar weer op. Fijn om weer even bij te kunnen praten over de nieuwe ontwikkelingen.
Zeker dit eerste stuk is prachtig. We lopen de heuvels in en hebben uitzicht op de droogstaande rivier. In Sivizzano kunnen we op een leuk pleintje wat drinken en wachten daar op Peter. Ze maken zelfs speciaal broodjes voor mij voor onderweg. Dat is aardig. Karin en Peter rijden nog verder naar Carimate om vrienden te bezoeken en gaan daarna weer naar huis. En ik loop alleen weer verder. Het makkelijkste stuk is geweest. De weg stijgt en daalt sterk. Ik weet het wel hoor dat ik de vlakte uit ben. Jemig, wat kost dit een hoop energie. Ik moet me behulp van mijn stokken echt omhoog duwen. En bij het naar beneden gaan, moeten mijn stokken mij tegenhouden, zodat ik niet in een keer naar beneden suis. Ik glijd toch nog een keer uit, en kom bijna niet meer overeind zonder meteen weer weg te glijden, zo steil is het. En het pad is soms smal met lekker veel gras. Ik baan me een weg door gras, brandnetels, bramenstruiken en ander gewas. Heel fijn voor mijn rode vlekken dit. Ik denk echter dat een van de muggenafweermiddeltjes voor de uitslag zorgt. Die maar niet meer gebruiken, het zalfje van de apotheek erop smeren en kijken wat er daarna gebeurt. Het was zo goed als weg, maar is gisteren in alle hevigheid weer teruggekomen. Ik heb toen ook weer lopen spuiten.
Als ik door kleine, stille gehuchten loop, en de ene na de andere hond weer begint te blaffen, ik bijna een hartverzakking krijg en dat na de ontelbaarste keer weer gebeurt, begin ik tegen ze te schreeuwen dat ze hun bek moeten houden, dat hun baasjes er wat van moeten zeggen, dat ik niet begrijp dat je er zelf niet helemaal horendol van wordt, en dat als ze niet meteen ophouden ik ze door het hek heen trek. Tsja, en dat moet je niet doen als het baasje er onopvallend naast staat. Die kijkt je dan erg geamuseerd aan, als je loopt te foeteren. Het is goed dat hij niet begrepen heeft wat ik allemaal geroepen heb. Maar ik word er erg moe van. Werkelijk ELKE hond die je tegenkomt, begint te blaffen. En dat houdt pas weer op als je er voorbij bent. Maar dan kom je langs het volgende huis en daar is natuurlijk ook een hond en begint het geheel opnieuw. Van elke wandelaar of fietser kun je aan het geblaf zijn weg volgen. En sommige mensen vinden één hond niet genoeg; die hebben er twee, drie, vier en soms zelfs vijf.
Inmiddels bevind ik me alweer op 859 meter. En dat terwijl ik vanmorgen op 149 meter hoogte begonnen ben. Wel een mooi gebied met naaldbossen en een fantastisch uitzicht soms. Maar als ik in Cassio aankom, kan ik geen pap meer zeggen. Ik was eigenlijk van plan om nog 10 km door te lopen naar Berceto. Dat is echter nog zeker drie uur lopen. Het is al 15.00 uur geweest, dus dat zou weer laat worden vanmiddag. Ik vind het wel mooi geweest. Ik stop in Cassio, 10 km eerder dan de bedoeling. Heb op bed liggen dutten.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten