maandag 26 juli 2010

Dag 73: Fiorenzuola d’Arda - Fidenza (22 km)

Donderdag 15 juli 2010
Vanaf Canterbury: 1452 km
Tot Rome: 632 km

Ik heb boven in het stapelbed geslapen. Dat is natuurlijk nog warmer, maar het bed leek nog onbeslapen. En als iedereen zo ligt te zweten als ik, is dat wel prettig. Maar wat was het heet.
Vandaag door veel tomatenvelden gelopen. Is weer eens wat anders dan rijst zullen we maar zeggen. Heb echter het idee dar er nergens zo veel tomaten gegeten worden als in Italië, dus dat moeten dan ook wel veel velden zijn. Waarom ze ze dan nog uit Nederland importeren begrijp ik niet. En sinds lange tijd heb ik de leeuwerik weer gehoord. Na Aosta, toen het vlakke land begon, was die wel verdwenen. Maar hier blijkt zijn leefgebied dus weer terug te zijn.
Ik ben weer om 7.00 uur vertrokken. Om 8.00 uur is het echter al 32 graden, en na 16.00 uur is het 42 graden. Dit kan toch niet gezond zijn.
Ik loop door velden en langs boerderijen. Ben eerst een zijweg ingeslagen die tot niets leidt. Kom langs een boerderij met wel tien katten. Brr, ik krijg al de kriebels als ik ernaar kijk. Ze hebben toch ook niet zoveel honden hè? En ik moet er weer langs terug, omdat ik in het maïsveld uitkom. Lijkt me niet helemaal de bedoeling. Ik loop dus terug en neem de volgende zijweg. Vraag toch voor de zekerheid nog even na of ik wel goed loop. En dat doe ik. Het is hier wel uitgestorven zeg. En daar komt alweer een hond aangerend. Gelukkig ziet zijn baasje het en roept haar terug. Of ik wat wil drinken. Nou, dat laat ik me geen twee keer zeggen. Laila is een lieve hond, die doet niets. Nee, dat zal vast, dat zeggen ze allemaal. Ik gooi het maar op allergieën. Ze moet een beetje uit mijn buurt blijven. De man, eind 40, blijkt Massimo te heten, en is docent Italiaans op een middelbare school. Hij heeft nu vakantie. We praten afwisselend Frans en Engels. Na een paar minuten vraagt hij al of ik uit Nederland kom. Hij kan het aan de uitspraak van mijn s horen. Hij is vroeger veel in Nederland op vakantie geweest. Waar kom je vandaan? Ik zeg dat ik in de buurt van Amsterdam woon. Abcoude? Mijn mond valt open. Vraag aan de gemiddelde Nederlander waar Abcoude ligt en hij heeft geen idee. En de eerste de beste Italiaan in the middle of nowhere heeft er gekampeerd. Dat ligt 20 minuten fietsen bij mij vandaan. Ik vind het wel grappig. Hij noemt een heel rijtje Nederlandse plaatsen op waar hij geweest is en waar hij eigenlijk nog naar toe wil. Hij is een paar keer naar Texel geweest, om onder andere vogels te kijken. Hij heeft zelfs een Nederlands vogelboek. Het is wel gezellig. Hij weet echt veel van Nederland. Hij weet wat van de politiek, weet wie Balkenende is en dat Beatrix onze koningin is. Eigenlijk denk ik dat hij homo is. Hij heeft het ook over zijn vriend. Dat maakt het altijd wat eenvoudiger. Maar na een tijdje heeft hij het ook over zijn vrouw en zijn zoon. Die wonen hier overigens overduidelijk niet. Dit is een eenpersoonshuishouden. Waarom blijf je niet eten? Voor hem is het eigenlijk nog wat te vroeg, maar ik heb al honger. En dus maakt hij al voor twaalven pasta met groente en kruiden uit eigen tuin. En daarna tomaten, die ik moet aanmaken met zout, olijfolie en azijn (eh, je weet toch wel dat ik Nederlander ben en dat koken niet tot onze core business hoort hè) met kaas. En natuurlijk koffie toe. En dan kijkt hij me net iets te diep in mijn ogen. Ik moet het je vragen. Je kunt hier blijven slapen. Niet als vriendin, maar gewoon. Ik heb een extra slaapkamer. Hm, heel aardig, maar lijkt me niet verstandig. Het wordt tijd dat ik weer ga. Maar het is nu nog veel te warm. Wel nee joh. En dus bedank ik hem hartelijk en ga richting Fidenza. Ook dit was toch weer een bijzondere ontmoeting.
In Fidenza ga ik eerst naar de VVV voor een hotel met airco. En die is er niet. Ja, 3 km verderop, buiten de route. Dacht het even niet. Ik kan dan eigenlijk net zo goed bij een kerk slapen, maar ik neem toch een hotel. Ik krijg de koelste kamer en een ventilator. Dat scheelt al een hoop. En ik heb lekkere grote handdoeken. Mijn eigen kleine handdoekjes stinken, evenals mijn zweetkleren. Hm, lekker schoon hier allemaal.
Dacht ik eerst nog dat het VVV-meisje een spraakgebrek heeft, doet ook het hotelmeisje dat, en eigenlijk iedereen. Ze spreken hier Italiaans met een brouwende r. Dat heb ik nog nooit eerder gehoord. Het klinkt raar, maar wel grappig. En meestal voor geen ene meter te volgen overigens.
Na de douche val ik bijna in slaap. Heb tussen de middag zoveel gegeten dat ik nog geen honger heb. Dat is maar goed ook, want ik kan pas om 20.00 uur eten. In de krant lees ik dat het morgen en overmorgen nog warmer gaat worden: richting de 40 graden. Dit is al heel lang niet voorgekomen. Het is inmiddels alarmfase rood: mensen gaan dood van de warmte, krijgen het aan hun hart en dat soort dingen meer. Hè fijn om dit soort opbeurende verhalen te lezen.

En dan nog even dit.
- Herman: wacht toch even de vertaling af morgen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten