Dinsdag 27 juli 2010
Vanaf Canterbury: 1706 km
Tot Rome: 377 km
Vannacht wakker geworden van het vuurwerk. Jemig de pemig. Ik sliep behoorlijk vast en het heeft even geduurd voordat ik wakker was en door had wat het was. Het waren namelijk gewoon kanonschoten. Daarna ging het wel over op ‘gewoon’ vuurwerk. Maar wat een herrie in eerste instantie zeg. Het was overigens de afsluiting van de feestelijkheden.
Dat van dat ontbijt gisteren klopte trouwens wel. Vanmorgen zijn er namelijk verse brioches en er is sap. En aangezien gisteren andere mensen mijn brioche hebben opgegeten, vind ik dat ik er nu wel een extra mag. Sneu voor de laatkomers, maar ja.
Ik vertrek iets later dan normaal (om 7.15 uur), omdat ik niet zo heel ver hoef. Bovendien is het niet meer bloedheet, maar gewoon warm. Na een uurtje kom ik Niels tegen. Daar had ik veel over gehoord van Kees-Willem. Hij staat net zijn tent in te pakken. Als het even kan kampeert hij in het wild. Na een paar dagen neemt hij dan weer een donatie klooster. Zijn dagbudget is 10 euro: 5 om te eten en 5 om te slapen. Het mijne ligt iets (nou ja, iets) hoger. Een tent meeslepen zag ik meteen al niet zitten en wild kamperen doe ik zeker niet. Ieder zijn meug zullen we maar zeggen. Ook hij is 4 mei vertrokken, maar dan vanuit NL. En ook zijn streven is 100 dagen. We liggen allebei goed op schema. Hij gaat daarna echter nog door naar Corsica om daar nog twee weken te lopen. Hij heeft het ook al over thuis en vindt het fijn om weer naar huis te gaan. Ik dus ook, maar het toch wat nare, depressieve gevoel van een paar dagen geleden is gelukkig weer weg. Ik loop weer lekker; het gaat goed, maar na het bereiken van Rome is het wel klaar. Ik ben wel met thuis bezig. Een paar dagen geleden had ik ineens zin in stroopwafels. Nog even en ik wil bitterballen en haring. En dan te bedenken dat ik in Frankrijk en Zwitserland al uitkeek naar het ijs in Italië. En ik heb nog geen ijsje gehad. Onnozel hè. Ik kan natuurlijk ook gewoon als Niels doen. Een liter ijs kopen, naar het dichtstbijzijnde parkje rennen en het daar helemaal in een keer opeten. Ja, als pelgrim doe je soms rare dingen. Ik heb ook al zin om eens echt uitgebreid te douchen (en te weken), zodat werkelijk alle zweetluchten weg zijn (er blijft nu zo af en toe nog wel eens wat hangen), je helemaal in te smeren met body lotion, mooie kleren aan, elegante schoenen, haar in de krul, zeg maar gewoon even optutten. Mijn blauwe korte broek en mijn roze hemd heb ik na een maand wel gezien; je kunt me erin uittekenen. Gewoon even wat anders. Nou ja, nog een paar weken.
Onderweg begint het nog even te regenen. Een paar minuten schuilen en we gaan weer verder. San Miniato bestaat uit twee delen: Alto en Basso. Over het algemeen is Basso groter, maar lelijk en saai, en Alto kleiner en dus mooier en ouder. Dat is in Bergamo bijvoorbeeld ook zo. Matteo had gezegd dat ik in Basso moest slapen, omdat dat gratis was. Maar ik vind de stad dermate deprimerend dat ik toch maar naar Alto ga. En dat is prachtig. Ik slaap bij de Franciscaner monniken. Daar moet ik wel voor betalen, maar ik heb een kamer met douche en toilet voor mezelf. Eh, maar dan verwacht ik wel dat ie schoon is. Het bed is schoon opgemaakt met schone handdoeken, maar de badkamer ziet er gebruikt uit; de handdoeken van mijn voorganger hangen er zelfs nog. Eerst denk ik nog even: laat maar. Maar nee. Ik betaal hier gewoon voor. Dan mag het ook wel schoon zijn. En dan dus op zoek naar iemand. Echt druk met mensen is het er namelijk niet. Ik heb overigens ook nog geen monnik gezien. De jongen die me binnen gelaten heeft, kan ik echter terugvinden. En hij gaat de badkamer voor me schoonmaken, Dat is duidelijk niet zijn gewone taak. Een beetje knullig gaat het wel, Maar goed. Het is schoner dan het was. Vanavond mag ik mee-eten; pas om 20.00 uur helaas.
Niels loopt nog een stukje door. Prima. Het is een aardige jongen met veel humor, maar ik vind alleen lopen erg prettig. Ik word een beetje een einzelgänger. Of misschien nog wel meer dan ik al was.
En dan nog even dit.
- Alinda: het saxofoon spelen heb ik nog niet echt gemist, maar muziek speelt wel een hele belangrijke rol tijdens mijn reis.
- Claudia: wel saai zo bijna alleen aan het werk.
- Els: geniet van de vakantie hè!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten