Lama - Città di
Castello - Pietralunga
Verplaatst: 68 km
(onderweg: 6 uur)
Vandaag ga ik spijbelen; ik ga met de bus naar Pietralunga. Dat heeft meerdere redenen. De route schijnt vrij moeilijk te vinden en ‘snoeischaargevoelig’ te zijn. Het is ook weer klimmen. En ik zou naar Bocca Seriola moeten lopen; een gehucht van drie keer niks. En ik ben er een beetje klaar mee om de hele dag in the middle of nowhere te lopen om dan aan te komen in the middle of nowhere. Ik hou van stilte en rust, maar een beetje levendigheid aan het eind van de dag vind ik wel zo prettig. En dus heb ik besloten na een toch wel slopende dag gisteren van wandelen in tegen de 40 graden aan, dat ik vandaag met de bus ga. Maar openbaar vervoer is in Italië een reis op zich. De VVV had eergisteren al aan het hotel gevraagd of er een bus naar Pietralunga ging. Gisteren heb ik dat in het hotel zelf nog een keer gevraagd. En vanmorgen weet ik nog steeds niets. Ja, ik weet dat er een bus gaat, maar hoe laat? Vanmorgen ontbijt ik om 7.30 uur. Buiten de kamer en buiten is het stukken koeler dan in mijn kamer. Daar leg je het met 30 graden af. Davide, de zoon is er bij het ontbijt. En voor de honderdste keer vraagt hij of ik met de bus wil, en of ik naar Pietralunga wil. Ja, dat wil ik inderdaad. Hij moet vandaag naar Città di Castello en ik kan met hem meerijden. Dan kan ik vandaar de bus naar Pietralunga nemen. Ik vraag maar niet meer hoe laat die gaat, want wat dat betreft zijn het net Aziaten. Je zegt vooral niet dat je iets niet weet. En een beetje vooruit denken, leren ze op school ook niet. Oftewel vergeefse moeite. En zo rijd ik om 8.30 uur naar Città di Castello. Het Engels van Davide heeft nog een iets lager niveau dan van het Italiaans van mij, alleen ben ik me bewust van mijn beperkte kennis en hij niet. Echt antwoord krijg ik dus niet op mijn vragen. Maar echt dom zal hij niet zijn, want het is wel een zakenman. Naast het hotel, een aantal appartementen en een volgens mij net geopende bar, houdt hij er ook een beauty farm (zoals hij het zelf noemt), oftewel een schoonheidssalon, en het medisch centrum (met onder andere fysiotherapie) erop na. Het een heeft totaal niets met het ander te maken, maar dat hoeft blijkbaar ook niet.
Città di Castello blijkt een leuk oud stadje te zijn en ik besluit, als de bustijden dat toe laten, het te bekijken. In Città di Castello word ik afgezet. Waar de aansluitende bus komt, waar ik een kaartje kan kopen, en waar het centrum is krijg ik verder niet te horen. Zoek het maar uit. Nou ja, ook goed. Op goed geluk loop ik het centrum in. Kom langs de Franciscuskerk en kom uiteindelijk bij de VVV uit. Die is zelfs al open, het meisje spreekt Engels en ze is vriendelijk en behulpzaam. Dat kom je niet vaak tegen. Ik krijg een kaart en de dienstregeling van de bus. Goed dat ik die meteen heb. Het blijkt nog erger te zijn dan gedacht. Hij gaat maar twee keer op een dag: om 13.05 en om 16.45 uur. Dat is lekker veel keus. Eerst maar een kaartje kopen. Ook dat is namelijk niet altijd zo maar even gedaan en voor hetzelfde geld is alles dicht als ik dat net wil kopen. Volgens de VVV-mevrouw kan dat bij Garibaldi Light Bar, bij het busstation. “Eh, nee, dat kun je hier niet krijgen. Bij de bar daar.” De bar daar is nog dicht, dus loop ik eerst een stuk van de stadswandeling. Zoals gezegd, is het oud. Veel kerken en kerkjes die niet altijd even bijzonder zijn, maar sommigen wel met fresco’s. En nog veel meer kloosters. Tsjongejonge, elke orde heeft hier wel een klooster. Eén kerk lijkt dicht te zijn, maar een meneer bij een bar wijst me dat ik even moet omlopen. Het kerkje wordt net schoongemaakt, dus ik mag niet naar binnen, maar de fresco’s zijn prachtig.
 |
| De schoonmaakploeg |
En dan kom ik weer bij het busstation uit. De bar is inmiddels open. “Nee, hier kun je geen kaartje kopen. Bij de Light Bar.” Eh, daar kom ik net vandaan. “Tsja, eh, de pizzeria misschien, of de bar daar?” Kijk, dat bedoel ik. Een simpel buskaartje kopen is geen sinecure. Maar de bar heeft inderdaad een kaartje. Ik loop de standswandeling verder af.
 |
| Stadhuis |
 |
| Kerken en kloosters |
 |
| Façade kerk |
 |
| Piazza Mateotti |
Hier en daar wat Nederlanders en dan eerst bij een bar wat drinken en een lekkere brioche. Het ontbijt bestond alleen uit voorverpakte brioches. En wie komt er op zijn fiets net aan? De meneer die bij de bar zat en me de weg had gewezen naar een mooie kerk. Of ik al naar Il Duomo en het museum ben geweest. Je moet naar het museum. Daar hangen prachtige dingen, onder andere een Rafaello. Ik dacht eigenlijk twee uur op een terras neer te strijken, maar besluit dan toch nog maar naar het museum te gaan. Shit, maandag gesloten. Moeite voor niks. Dan maar op zoek naar de lunch. En als ik op mijn beurt sta te wachten voor een panino con salame spreekt een meneer me aan. “Sei pellegrina? Waar kom je vandaan? Wandel je naar Assisi? Ik ben naar Santiago gelopen. Dat was mooi. Buon cammino.” Ach wat aardig. Dat voelde even als ‘wij pelgrims onder elkaar’ weten wat het is om te wandelen. En dat moet je met elkaar delen. En ja, het is heet, maar het gaat goed hoor. Ik word er helemaal blij van.
 |
| Hoe Italiaans kun je het hebben? |
En dan wachten tot het 13.05 uur is als de bus gaat. Ook maar even vragen waar die vertrekt, want voor je het weet, sta je bij de verkeerde halte. Ik geloof dat Città di Castello Pietralunga nog geen 20 km is, maar wij doen daar 1,5 uur over. Niet dat we elk gehucht aan doen, maar we maken een omweg van hier tot Tokio. In Umbertide gaan we dan ook nog eens een dikke vijf minuten stil staan. Ach, het uitzicht is leuk, en ik zit droog, want het begint licht te regenen. In Pietralunga is het hotel vrij snel gevonden. Prima kamer, vriendelijke meneer, ontbijt al vanaf 6 uur. Wat wil je nog meer? Eerst mijn maar sokken maar weer eens proberen schoon te krijgen. Dat lukt niet echt meer, maar het is beter dan het geweest is. En dan begint het nog meer te regenen en te onweren. Niet heel hevig allemaal, maar ik ben blij dat ik weer binnen ben. Nog even een rondje om de kerk gemaakt en in de bar mijn verhaal geschreven.
Daarna in de plaatselijke pizzeria geen pizza gegeten maar penne. Samen met een Nederlands stel, twee Nederlandse gezinnen en een Italiaanse familie. Hm, dat zijn ineens wel heel veel Nederlanders. En als ik van mijn niet heel erg bijzondere, maar toch lekkere pasta geniet (honger maakt rauwe bonen zoet), begint het enorm te regenen. De buien zijn kort, maar hevig. Gelukkig loop ik morgen veel over Strada Bianca en asfaltwegen waardoor het niet zo erg is dat het regent. Ik ga hierdoor niet (zoals in het begin) op mijn muil door spekgladde keien en glibberende klei.
 |
| Een hoosbui |
 |
| Maar de hemel breekt open |
En net als ik wil gaan slapen, beginnen de trommelaars van de plaatselijke fanfare te oefenen. Ik begrijp dat het binnen te warm is, maar doe dat nou niet op een tijdstip dat ik op één oor lig. Wonderwel val ik toch in slaap.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten