zaterdag 23 augustus 2014

MAANDAG 4 AUGUSTUS 2014

Spoleto - Patrico

Gelopen: 12 km (onderweg: 4 uur en 20 minuten)

Totaal: 121,5 km

Vanmorgen zit ik als eerste aan het ontbijt. Maar al snel komen er een Duitse meneer en mevrouw bij, ook wandelaars. Ik moet weer even wennen aan het ontbijt: alleen maar zoetigheid. Waar is de kaas en worst?
Nu niet met de roltrap, maar met de gewone trap van het klooster waar ik zit, naar de Dom. Dat zijn nogal wat treden. De hele weg vandaag stijgt van zo’n 330 m naar 1080 m. 
In de Dom kijk ik toch weer even of ik iemand zie die me een stempel wil geven, maar helaas, niemand. Dan maar op zoek naar een alimentari. Ik moet mijn lunch en water nog kopen voor vandaag. Even aan een lokale vragen. Daarvoor moet ik naar het Piazza al Mercato. En inderdaad, een alimentari voor een broodje salami en water, en een marktkraampje voor twee perziken. Naar de Ponte delle Torri, een 13e eeuwse brug van 230 meter lang en 80 meter hoog. Hm, als deze instort als ik er net op loop, weet ik wel heel zeker dat ik morsdood ben. Ach, dat ding staat er al een paar jaar, waarom zou die nu ineens instorten? Net als gisteren merk ik dat ik dat gemist heb: gewoon je gedachten de vrije loop laten gaan. Als je wandelt, heb je daar de tijd, en de rust, voor. Op andere dagen ben je eigenlijk veel drukker; met je hoofd dan, niet met je lijf. Hoewel ik me er nog steeds over verbaas hoeveel km je als toerist door een stad loopt.

Ponte delle Torri
Aan de overkant van de brug sta ik nog wat foto’s te maken als er twee mensen van boven aan komen lopen. De man lijkt mij te herkennen, maar ik zou niet weten wie hij is. Ik kijk nog een keer en hij geeft weer een blik van herkenning. Ik kijk nog eens goed en zie ineens dat het Anne met een lid van het koor is. Ik had hem echt niet zo gauw herkend. Wat leuk, ik hoopte al dat ik nog iemand zou tegenkomen, maar dat ik Anne zie is wel heel toevallig. Zij zijn al naar Monteluco geweest en komen nu net weer terug. Ik begin net.
Er staat een groepje toeristen met een gids. En ik laat me eigenlijk een beetje afleiden door hen. Mijn boekje zegt naar rechts, de gps zegt ook naar rechts, ik kijk echter niet goed op het bordje en denk te zien dat Monteluco naar links is, en de groep gaat ook naar links. En dus ik ook. Maar ik vertrouw het toch niet helemaal. De gps is mijn beste vriend en die volg ik altijd wat er ook gebeurt, en dus keer ik toch maar weer om. Dan zie ik ook dat het bordje naar Monteluco naar rechts wees en niet naar links, zoals ik eerst dacht. Gewoon niet goed gekeken. Dom.
En zo stijg ik langzaam over een bospad omhoog. Ik kom een paar eremo’s tegen. Niet te bezichtigen en onduidelijk of er nog wel iemand woont, maar het zijn er zijn er zoveel dat je je af kunt vragen hoe ‘kluizenarig’ je bent met zoveel buren.
En dan kom ik aan bij Monteluco. Een oud Franciscaner kloostertje, maar ook twee hotels, een bar en een speelweide. En daar zie ik ineens ook het Duitse stel. Ik denk dat ik eerder ben weggegaan, maar ik heb nog zoveel heen en weer gelopen in Spoleto voor mijn eten, dat zij mij waarschijnlijk voorbij zijn gegaan.
In het kloostertje zijn nog zeven piepkleine cellen te zien waar de minderbroeders tot aan het begin van de vorige eeuw hebben gewoond. Dat moeten dwergen geweest zijn, want de deuren zijn heel laag en smal en het kamertje is ook niet groter dan 1,5 m X 1,5 m.

Cel klooster

Klooster Monteluco
Even een perzik eten en een kopje thee drinken en dan weer verder. Het uitzicht wordt prachtig. Ik blijf achterom kijken en foto’s maken. Af en toe zie ik ook de Duitsers voor me lopen. Ik hou wat in, want ik wil niet met ze meelopen en voorbij gaan vind ik ook zo wat.

Uitzicht

Er komt een auto achterop. Of ik op weg ben naar Bartoli en of ik mee wil rijden. Ik ben inderdaad op weg naar Bartoli, in Patrico, Het blijkt meneer Bartoli van de agriturismo zelf te zijn. Nee, dank u, ik loop graag, maar bedankt voor het aanbod. Hij wijst me waar het is; hemelsbreed een stuk korter dan dat ik daadwerkelijk nog moet lopen.

 
De enige selfie van de vakantie
 
 
De Duitsers zijn ook net aangekomen als ik arriveer. Zij blijken vanaf Florence te hebben gelopen. Ze hebben mij in de kerk bij het concert in Montefalco al gezien. Hm, het blijkt maar weer dat ik vaker gespot word dan dat ik denk. Anoniem rondlopen is nog best moeilijk.

‘s Avonds zit ik klokslag 20.00 uur klaar om te gaan eten, maar het is helaas nog niet klaar. Maar als er dan op de grote triangel lawaai wordt gemaakt weet meteen iedereen dat we kunnen beginnen. Het blijkt dat we met de familie en het personeel mee-eten. We mogen overal zitten, behalve aan het hoofd van de tafel, want daar zit de pater familias. Althans dat is de bedoeling. De Duitsers, een hulp, en ik zijn allang en breed begonnen als hij (en de rest van de familie) er ook nog eens aankomt. Na de uitgebreide antipasta vrees ik het ergste, maar de primo is niet te groot en de secondo gelukkig ook niet. Wij zijn overigens de enigen die alles eten. De rest slaat een of meer gangen over. Dan nog een dolce, en op is het weer.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten