maandag 11 augustus 2014

WOENSDAG 23 JULI 2014

Valfábbrica - Assisi


Gelopen: 16,4 km (onderweg: 6 uur 40 minuten)

Rondje Assisi: 8 km

Totaal: 56,6 km


Valfábbrica
In een fantastisch klein barretje annex pasticceria/bakkertje nemen we ons ontbijt. Hier kunnen we ook de lunch inslaan. Tanden poetsen, water vullen, de laatste dingen inpakken, bij de alimentari wat fruit halen en dan gaan we op weg. De route is prima aangegeven, dus dat is geen probleem. Er zijn delen die flink stijgen. Als we bij een huis even rusten, komt de groep van de agriturismo eraan. Zij lopen blijkbaar ook nog steeds. Ik heb bewondering voor ze; er lopen twee kinderen van een jaar of acht mee. Pittige wandeling hoor. En achter hen komt de groep jongelui die ik in Gubbio ben tegengekomen. Het is een gezellig weerzien. Maar wel een beetje druk ineens. Gelukkig gaan beide groepen rusten als ze ons voorbij zijn, en lopen wij weer alleen verder.

Even rusten


Uitzicht op Assisi
Na een km of tien is Assisi al te zien, maar dan moeten we dus nog zo’n zes km lopen. Het laatste stuk nog even klimmen en dan zijn we er. Eerst een cola, en dan zoeken waar ik en waar Elisabeth verblijft. En dan gaat ieders zijns weegs. Morgen treffen we elkaar om 8 uur bij Porta San Pietro. We lopen dan samen naar Santa Maria degli Angeli.
Assisi
Op naar de Duitse nonnen. Aanbellen en dezelfde simpele ziel van gisteren praat nu door de intercom. Of ik even geduld heb. Dat ‘even’ duurt best lang als er dan eindelijk een Duitse non vanaf de andere kant komt aanlopen. Het blijkt zuster Alexia te zijn. Wat een lieverd is dat. Ik heb een topkamer met een prachtig uitzicht.
Uitzicht vanuit mijn kamer
Diner is om 19.15 uur en ontbijt om 8.00 uur. En vanaf nu praat ik alleen nog maar Duits.


Eerst ga ik naar Chiesa San Francesco. Als ik halverwege ben realiseer ik me dat ik geen doek mee heb genomen en ik ben ongetwijfeld te bloot gekleed om de kerk in te mogen. Daarom loop ik maar een rondje Assisi om terug op mijn kamer die doek te halen. Ik twijfel of ik de pijpen van mijn broek ook zal meenemen. Nou daar moeten ze maar niet moeilijk over doen hoor. Die passen niet meer in mijn tas. En zo loop ik voor de tweede keer precies hetzelfde rondje. Voor de kerk zie ik de groep van de agriturismo weer. Ik haal mijn sjaal uit mijn tas en sla die om. De portier kijkt echter nog eens naar mijn benen en hij vindt mijn broek te kort. Hè shit, dan moet ik weer helemaal terug. Maar nee, er liggen doeken en voor een gift mag je die pakken. Nou ja, dan die maar. Als ik later om me heen kijk zie ik meer mensen met een (te) korte broek. Volgens mij zag hij alleen maar mijn witte benen die natuurlijk enorm opvallen en dacht hij toen dat kan niet.
San Francesco
Ik bekijk de boven- en benedenkerk en loop weer naar mijn kamer. Even douchen. Eh, toch een beetje raar. Waar je je al niet mee bezig kunt houden tijdens het uitkleden. Er staren me vijf Jezussen, twee Maria’s, één Jozef, één engel en paus Benedictus me aan. Ik voel me toch een beetje bekeken. Snel onder de douche springen. En dan naar beneden.
En daar staat de Duitse non Regina van mijn klooster, een andere Duitse non, een Braziliaanse non blijkt later en twee Indiase nonnen. Ze lijken meer op Hindoeïsten, maar als ik het goed begrijp zijn het nonnen. In de eetzaal komen nog twee Duitse vrouwen. En dus is het duidelijk: de voertaal is Duits. Vrijwel de hele conversatie gaat langs mij heen. Zuster Alexia komt nog even vragen hoe het met me gaat en wat ik gedaan heb.
Het is duidelijk dat ze allemaal zwaar gelovig zijn. De een heeft een nog groter Tau-teken om zijn nek dan de andere. Ik ben heel bescheiden met een kleine houten aan mijn tas.
Ik begrijp dat we bidden voor het eten, maar dat we dat staand voorafgaand aan het eten doen, was ik even vergeten. Ik herinner me dat ik dat ook een keer in een mannenklooster heb moeten doen, en je begrijpt het al: ik had de stoel al naar achter geschoven en zat er al bijna op. Ik kon me nog net inhouden. Het Duitse lied kan ik niet meezingen, het gebed begrijp ik niet, en het slaan van een kruis sla ik over. Ik kan pas weer meedoen als er amen gezegd wordt. Tsjongejonge wat voel ik me ineens een buitenstaander. Ik ben blij dat ik Christoforus om mijn nek heb hangen. Zien ze tenminste dat ik niet helemaal heidens ben.
Zuster Alexia woont al 32 jaar in dit klooster. Het blijkt dat ze qua eten niets Italiaans hebben overgenomen. Nou ja, misschien de wijn. Aan de andere kant, is dat natuurlijk gewoon een Bijbelse drank. En ik denk niet dat ze het zelf drinken, want de witte wijn is lauw en dus ‘niet te zuipen’. Ik krijg eerst flauwe kippenbouillon met een overdosis vermicelli en dan gaan we over op de aardappels, vlees en groenten. Dit ga je niet menen; waar blijft de pasta? Ik krijg een stuk vlees, een hele hoop aardappelen zoals wij die ook klaarmaken, maar die ikzelf echt nooit eet, omdat ik dat het toppunt vind van het-hoeft-niet-lekker-te-zijn-als-het-maar-veel-is. Hele saaie courgettes en wel lekkere sla. En zoals te verwachten, willen alle Duitsers nog meer vlees en nog meer aardappelen, en eten ze er hun vingers bij op. Ik wil alleen nog wat sla. Als toetje krijgen we fruit en dan wel weer een overheerlijke appelmuffin.
Een van de Indiase nonnen vraagt: ‘Wass findest du von unserem Robben?’ Ik moet er hartelijk om lachen en antwoord: ‘Unserer (waarbij ik naar mezelf wijs) Robben war seht gut‘. Wij zijn de enige twee die het een enorm leuke grap vinden. Daarom legt ze het nog even uit aan de rest. Robben is een Nederlandse voetballer, die voor Bayern München speelt en tijdens het WK voetbal was hij heel goed. Ze blijven een beetje glazig kijken. Maar zij kan bij mij niet meer stuk.
Na het eten geeft iedereen iedereen weer een hand en wenst elkaar een goede nacht, welterusten en tot morgen bij het ontbijt. Men stapt op als men daar zin in heeft. Eh, hoeven we niet meer te danken voor het eten? Blijkbaar niet. Wel om bidden, maar niet danken. Of is dat te protestants? Ik vind het vreemd. Nou ja, verschil moet er zijn. Zo wacht ik ook even tot iedereen zijn eten heeft voordat ik zelf begin te eten. Is niet nodig blijkt. Je bord is volgeladen en je kunt aanvallen. Oké.
Ik koop nog even een internetkaart. Pardon? Ik kan voor 4 euro een uur internetten. Als een schat bewaar ik die nog even voor morgen. Afzetters. Oh nee, is voor hogere doelen.
 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten