Van:
Veroli
Naar:
CepranoAfstand: 27 km
Totale afstand: 133 km
Vertrek: 7.35 uur
Aankomst: 16.20 uur
Weer: onbewolkt zonnig
Gisteren
was het maandag en dan schijnt elke eetgelegenheid dicht te zijn. De jongen
weet dat je als pelgrim niet zo veel eisen hebt en dus legt hij me uit hoe ik
de keuken moet gebruiken. Hier is een zak met pasta, een pot pastasaus, pannen,
bord, bestek. Zo gaat het gas aan. Succes. En zo ga ik om een uur of zeven
richting keuken. Het is een professionele keuken en ik vind het eigenlijk wel stoer
hier wat te staan kokkerellen. Daarna zet ik nog een kopje thee en doe de
afwas. Tijd om te gaan slapen.
| Mijn privé keuken |
Ik
maak vanmorgen mijn eigen ontbijt klaar. Onbeperkt beschuitdingetjes eten,
kopje thee zetten en ik zie in de koelkast één bekertje yoghurt; die werk ik
ook nog naar binnen. En zo stap ik om 7.35 uur de B&B uit. Ik vertrek wat
vroeger, omdat het een lange dag zal zijn. Het is nog heerlijk stil. Ik zie
alleen twee kinderen naar school lopen. Deze ochtendstilte vind ik het mooiste
moment van de dag. Als ik dichter bij het Piazza Duomo kom, komt er ook meer
leven. De eerste marktkramen staan al.
Ik ga de Duomo nog even snel naar
binnen, maar die vind ik niet erg interessant. Dan toch nog maar even naar de
kerk van Santa M. Salome. Deze is wel mooier. Ik ben er alleen en loop wat
trappen naar beneden. Ik vind het een beetje spooky. Die relikwieën zie ik nog
even niet. Het houtsnijwerk van het koor is prachtig. Bij het altaar kun je een
trappetje af. Het voelt alsof het niet mag, maar ik ga toch naar beneden. En
daar liggen ze hoor. Beetje oneerbiedig misschien, maar erg indrukwekkend vind
ik ze niet. Wel goed voor een foto natuurlijk. Ik ben tijdens mijn tocht weinig
kerken tegengekomen en dus in geweest. Niet zo heel moeilijk dus, maar dit is
wel de mooiste en je kunt er nog echte kaarsjes branden. Dat doe ik dan meteen
maar even. Het is het enige kaarsje dat brandt: voor onze te vroeg overleden
directeur twee weken geleden. Het kaarsje brandt mooi.
| Kaarsje |
| Relikwieën Santa Salome |
Nu weet ik het trouwens zeker hoe het zit met de rolverdeling. Zij werkt in de winkel, hij kijkt toe; zij schrobt het stoepje, hij zit op een stoel ernaar te kijken; zij werkt in de tuin; hij zit in de bar. Mannen doen hier niets en vrouwen doen het werk.
Vandaag
was een dag vol bloemen en fruit. Er zijn zoveel mooie bloemen. Mijn lila kamer
van gisteren was trouwens de gentiaankamer, vandaar de kleur. Had ik eerst niet
zo door, maar er zijn drie kamers en elke kamer heeft de naam van een bloem en
is waarschijnlijk in de betreffende kleur. Ik heb de gentiaan trouwens ook
gezien, en volop klaprozen natuurlijk, irissen, orchideeën, kamille en van
alles waarvan ik de naam niet weet. Maar niet alleen bloemen, ook fruit. Mini
druifjes, mini olijfjes, vijgen en kersen. Het kon niet op.
| Bloemen, ... |
| bloemen, ... |
| bloemen, ... |
| en nog eens bloemen |
| Druiven |
| Kersen |
| Olijven |
Ik
kom langs een klooster, Abazzia di Casimari. Nog steeds bewoond door Cisterciënzer
monniken. Iets voor het klooster is er overigens ook een Cisterciënzer
nonnenklooster. Daar had ik kunnen overnachten. Het
klooster is te bezoeken. Het ziet er bijna als nieuw uit, maar het is oud: na
1203 gebouwd op bestaand bouwwerk door Benedictijnen, verwoest door de
Barbaren, renovatie door Cisterciënzers, plundering door de Fransen en sinds
1874 is het een nationaal monument. Ik ben de enige die er rondloopt. Elke deur
die open staat, ga ik in. Het is een beetje onduidelijk waar ik wel en niet in
mag, maar niemand houdt me tegen. Ik blijf niet te lang, ik moet nog een
behoorlijk stuk lopen. Eerst een thee en wc en dan weer verder.
| Abazzia di Casimari |
| Abdijkerk |
| Koorbanken |
Als ik even pauze hou om een van mijn panini te eten en uit te rusten, zie ik dat mijn linkerarm rood is geworden. Hé, dat is vreemd, rechts niet. En ineens bedenk ik me dat ik vergeten ben mijn linkerarm met zonnebrand in te smeren. Niet slim, dus dat doe ik meteen alsnog. Dat krijg je als je ineens een andere volgorde van smeren hanteert. Ik krijg trouwens ook last van mijn kleine teen; ik denk dat daar een blaar op komt. Sterker nog, mijn andere teen gaat ook zeer doen. Het blijkt dat ik drie blaren gekweekt heb.
Ik
heb een kleine dip, maar na de korte pauze kan ik er weer helemaal tegenaan. Ik
schat dat ik nog 5 km moet. Dat moet toch lukken. Maar na een paar km begin ik
weer wat te sloffen. Ik ben moe en mijn voeten doen zeer. En dan kom ik
eindelijk in Ceprano aan. Het hotel moet over de brug, de weg rechts liggen.
Hm, dat klopt wel, maar de betreffende straat is ellenlang. En de nummering
loopt raar. Ik moet nr. 126 hebben. Als ik 108 zie, denk ik er dan ook bijna te
zijn, maar het wordt ineens weer 78. Ja, zo gaat het lekker natuurlijk. Ik loop
nog een stuk verder, en als ik het idee heb dat ik het dorp weer uit loop, ga
ik het toch maar eens vragen. En dan blijk ik er al te zijn. Pff, ik sleep me
naar de ingang. “Sono pellegrina; avete una camera singola?” Gelukkig, die is
er nog. Het lijkt alsof er gisteren een bruiloft is geweest. Ik zie de bloemen
en de bruidstaart buiten. De eetzaal ziet er ook best sjiek uit. Volgens mij
hebben ze mij in het oude deel gestopt, op de tweede etage, aan het eind van de
gang. Het is allemaal een beetje vergane glorie. En pelgrim is echter snel tevreden
en het is er schoon. Zo, nu eerst mijn schoenen uit. Tsjongejonge. Als ik de
blaren bekijk, zie ik ook alweer rode vlekken op mijn voeten. Die heb ik eerder
gehad. Ik ben er nog niet over uit of dat van mijn sokken komt, of van de
warmte. Ik ben deze laatste dag wel aan het kneuzen zeg. Het is goed dat ik
morgen naar huis ga. Maar ja, als ik mijn iGotU gegevens bekijk, blijk ik niet
27, maar 38,8 km gelopen te hebben. Vind je het gek dat ik een beetje gesloopt
ben.
’s
Avonds kan ik vanaf 20.00 uur eten. Ik sta om 20.05 uur als eerste voor de
deur. Een oma helpt me. Ze ziet er eruit alsof ze net van de gym komt, heeft
nog snel even een zilveren truitje aangedaan en haar lippenstift aangebracht.
Dat dat iets is uitgelopen, heeft ze waarschijnlijk niet helemaal gezien. Ze
verdwijnt snel en een iets jongere meneer helpt me verder. De pasta met
venusschelpen is lekker.
Ik
wil ‘s avonds alvast online inchecken. Op mijn kamer ver weg heb ik geen
verbinding. En dus loop ik met mijn laptopje naar beneden. En wie zitten daar
op de bank? Oma (van de fitness) en opa (die alleen maar rondstiefelt). Te
slapen. Hm, wat zal ik doen? Weer teruggaan (ik kan er namelijk eigenlijk niet meer
bij), met veel lawaai binnenstappen, of stil gaan zitten en net doen of ik niet
door heb dat ze bij de luide televisie slapen. Ik kies voor het laatste. Opa
wordt toch wakker en biedt me zijn zitplaats aan. Nee hoor, is niet nodig. Ik
check in, wens ze goedenacht en ga weer naar boven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten