Van: Telese Terme
Naar: Benevento (trein)
Wat
later ontbeten dan normaal. Ontbijt was weer erg karig. Ik kon kiezen uit
beschuitdingetjes en een brioche, maar dan een verpakte. En thee. Daar had ze
het de citroen al in uitgeknepen. Sodeknetter, wat was dat zuur. De rillingen
liepen over mijn lijf. En nog extra door de zoete jam.
Rustig
in gepakt en betaald. Mijn rugzak in het hotel laten staan en langs het meer
gelopen, of eigenlijk een beetje gestrompeld. Het is maar een klein meertje dat
voornamelijk dienst doet als vijsvijver en als jogvijver. Nou ja, joggen? Wat
je hier veel ziet is gewoon flink doorstappen. En dan loop je het meer een paar
keer rond.
 |
| Vissen aan het Lago di Telese |
Daarna op het terras van het hotel in de zon zitten lezen en
uiteindelijk maar eens rustig naar het station gelopen. De onderdoorgang waar
de hotelmevrouw het over had kon ik alleen niet direct vinden, maar na eerst
verkeer gelopen te zijn en daarna even
gevraagd te hebben, toch gevonden. Het station heeft zowaar nog een loket.
Kaartje gekocht en bij de bar een verse brioche (jammie) en een thee gehaald.
Op het station moet ik dan nog een kwartier wachten. Pardon, wat is dat? Begint
het te regenen. Hè bah. En nog best hard ook.
 |
| Station van Telese |
In
een half uur ben ik in Benevento. Overduidelijk een grote stad. Het
gebruikelijke vage volk dat rond een station hangt. Het is inmiddels 12.00 uur
geweest dus ik moet zien dat ik nog een broodje krijg voor de lunch. Bij de
supermarkt. Ik koop een broodje mortadella. De hele week eet ik een broodje
kaas, omdat dat wat beter houdbaar is in mijn rugzak in de zon. Maar nu ga ik
het toch direct opeten. Oh lekker, yoghurt, daar heb ik ook zin in. En zo loop
ik richting het centrum. De dom is helaas al dicht, en de winkels zijn ook aan
het sluiten. Op een bankje eet ik mijn panino en yoghurt op. Loop een stukje
terug, langs de poort van Trajanus en dan ben ik al bij de B&B.
 |
| Poort van Trajanus |
 |
| Poort van Trajanus |
Er wordt
niet opengedaan. Ik heb via Booking.com gereserveerd en zie dat je pas vanaf
14.00 uur terecht kan. En het is net 13.00 uur geweest. Dan maar naar een bar
voor een thee. En al thee drinkend en een boek lezend wacht ik tot het 14.30
uur is. Er wordt weer niet opengedaan, maar na ga ik maar eens bellen. Hij komt
eraan. Zwarte Veder doet open. Een aardige jongeman die gelukkig ook Engels
spreekt. Hij heeft zijn zwarte haar in een knotje bovenop zijn hoofd en een
tattoo van een grote veer op zijn rechter onderarm. Ik krijg een kamer met de
naam Fredegonda. Dat blijkt de naam van een van de heksen te zijn. Ik heb al
meer heksen in Benevento gezien, maar ik had geen idee waar dat verder op
sloeg. Dat blijkt een bekende legende te zijn. Niet dat ik nu weet hoe die
legende gaat, want daarvoor moet ik het boek lezen dat op tafel ligt.
 |
| De legende van de heksen van Benevento |
Eh, maar
dat is waarschijnlijk in het Italiaans. Ja, en in het Latijn. Oh ja, dat stelt
me gerust. Alsof dat helpt. Daar herinner ik me alleen nog maar hortus horti
horto hortum horto horte, horti hortorum hortis hortos hortis, en bellum belli bello
bellum bello, bella bellorum bellis bella bellis, en Salve Cornelia, salve
Marcus. En dan houdt het wel zo ongeveer op. Oh ja, ook nog; sum es est sumus
estus sunt. “Je moet het maar proberen“, zegt hij. Nou, dat heb ik. Ik haak bij
de eerste pagina al af. De letters zijn niet leesbaar. De s lijkt op een f en
de v is een u. Voordat ik dat uitgedokterd heb, moet ik nog gaan bedenken wat
het betekent. Sorry, andere keer maar weer. Maar nu weet ik nog steeds niet hoe
die legende gaat. Jammer. Vanmiddag maar eens op zoek naar een boekhandel.
Na
mijn rugzak uitgepakt en alles op de grond uitgestald te hebben, ga ik
Benevento maar eens verkennen. Het centrum is kleiner dan ik denk en je bent er
zo doorheen. Alles wat maar een beetje open lijkt, ga ik in. De dom lijkt van
de buitenkant oud en imposant, maar van binnen is het een aanfluiting. Wat
ontzettend lelijk. Hij is dan ook in WO II verwoest en is in de jaren 60 modern gerestaureerd.
 |
| Kathedraal Benevento |
Als
ik de kerk uitloop, en de straat oversteek, klampt een mevrouw me vast. Eh, wat
wilt u? Ze blijkt over te willen steken. En waarschijnlijk dacht ze: als ik
zo’n reus vasthoud dan kom ik vast veilig aan de overkant. Ze knijpt mijn
bovenarm bijna fijn. Bijzonder, je had het ook even kunnen vragen, maar goed.
Zij blij en ik nog een beetje verbaasd, gaan we ieder weer zijnsweegs. Na een
thee op het ene terras en een Spritz op het andere terras, vind ik het tijd om
te eten. Ik heb honger. Eerst nog even terug naar de kamer. Maar als ik daar
eenmaal op bed lig, kom er haast niet eer vanaf. Ik hijs me overeind en loop
richting 8024, een hippe tent die Alessandro me aangeraden heeft. Ik zie een
gezelschap van vier mensen zitten met precies dezelfde wandelgids als ik heb.
Het zijn Fransen. Ik twijfel of ik langs zal gaan om te vragen of het ook
pelgrims zijn. Ze zien er echter totaal niet pelgrimachtig uit. Ik heb namelijk
geen ruimte in mijn rugzak om een spijkerbroek, een overhemd en schoenen mee te
nemen. Ik heb zo ongeveer dag en nacht hetzelfde aan. Niet altijd even
flatteus, maar ja, dat hoort erbij als je niet met 20 kg wilt lopen. Ik denk
dat de Fransen in dezelfde B&B verblijven als ik. Geen idee waarom, maar dat
gevoel heb ik.
Ik
bestel een overheerlijke pasta met spekjes en artisjokken en een salade. Voor
het eerst vragen ze in welke volgorde ik dat wil, of misschien wel
tegelijkertijd. Ik geniet van mijn eenvoudige maaltijd en heb niemand om erover
te discussiëren. Dat vind ik helemaal niet erg; ik geniet er niet minder om en
ik heb van alles te zien. Zowel de Fansen als mijn Italiaanse buren aan de
andere kant houden hele verhandelingen over de wijn. Er wordt geproefd en
beoordeeld, de inhoud van de fles wordt overgedaan in een decanteerkan. Ik zit
alleen aan water. Ik besluit toch nog maar een toetje te nemen. Iets met
Strega, de lokale ‘heksenlikeur’. Het blijkt een bol ijs te zijn met een in de Strega
gedrenkt cakeje erin. Mjammie.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten