Vrijdag 21 mei 2010
Vanaf Canterbury: 347 km
Tot Rome: 1736 km
Het bellen met de chambre d'hôtes in Cessières is niet gelukt en dus ga ik op de gok ernaar toe. Als het er niet is, of er is geen kamer meer vrij, moet ik in plaats van 23 km, meteen 36 km lopen. Dat vind ik wel een beetje veel, maar het is niet anders. Ik houd er alvast rekening mee en vertrek om 8 uur. Annette besluit om het eerste stukje toch nog mee te lopen. Bert komt dan na een uurtje met de auto langs om nog even samen te ontbijten en dan Annette weer op te halen en naar huis te rijden. Het eerste stuk is niet het meest interessante, omdat we Tergnier uit moeten lopen.
Nog even op een stoel zitten, mijn blaar inspecteren en genieten van vers stokbrood. En dan is het weer tijd om afscheid te nemen. Hoe vaak zou je een beetje dood kunnen gaan, voordat je echt dood bent? Afscheid nemen blijft niet leuk.
Daarna echter loop ik grotendeels door bos. En dat heb ik nog niet echt eerder gedaan, dus da's leuk. Onderweg zie ik de eerste slang. Ik ben geen held met dat soort beesten. Ik denk direct dat alle slangen giftig zijn en zie ze al wurgend om mijn nek hangen dan wel met hun tanden in mijn been staan. Dat kan met deze niet echt, want hij is maar een cm of 20, glad en grijs. In eerste instantie lijkt hij ook dood te zijn, maar als ik er met een (hele lange) stok in zit te poeren, gaat zijn kop wat omhoog. Dood is hij niet, maar echt levendig dus ook niet, Toch spring ik er maar even over heen. Bah, enge beesten.
Onderweg kom ik nog langs de ruïnes van Abbaye de St. Nicolas. Altijd leuk denk je dan. Er staan echter alleen twee toegangstorentjes of zo iets. Het stelt niets voor. Leuk voor even een foto, maar dat is het dan ook wel. Verderop ligt wel een leuk kasteelachtig huis. Dat is dan weer helaas privé. Zag er veel leuker uit, maar ja, geen charmante kasteelheer te bekennen. En dan kom ik, me enigszins voortslepend, eindelijk in Cessières aan. Hier zou dus de B&B moeten zijn. Ik vraag het even na bij een mevrouw die ik in de serre van haar huis zie zitten. Ze blijkt ver bejaard te zijn, moeilijk uit haar stoel te komen en mij in eerste instantie niet te begrijpen, maar ze praat duidelijk en legt precies uit hoe ik moet lopen. Top. Bij de B&B is echter alleen een schilder aanwezig. Ze komen om 18.00 uur terug. Hm, daar kan ik niet op wachten. Als er geen kamer is, kan ik niet daarna nog even 13 km naar Laon lopen. En dan heb ik dus een probleem. En zo besluit ik om toch maar door te lopen. Eigenlijk ben ik nu al moe en doen mijn voeten zeer, maar ja. Echt veel keus heb ik niet. En dus sleep ik me voort richting Laon. De weg is erg lang en elke vijf minuten kijk ik op mijn horloge hoe ver ik al ben. Dat gaat dus niet snel. Ik kijk alleen nog maar naar het asfalt en naar tegemoetkomende auto's. De berm instappen is al te vermoeiend. Beetje saai wordt het wel. Zou voortstappen op de maat van een liedje zin hebben? Ging dat een paar dagen uitstekend met 'Vous permettez monseigneur', wil dat nu niet erg lukken. Er komt ook geen geschikt liedje in mijn hoofd. Eigen compositie dan maar? Pff, dit wordt niks. En dus praat ik maar weer in mezelf: kom op Everdien, niet zeuren, gewoon doorlopen, de ene voet voor de andere zetten. En je weet het hè. De man van collega Rita zei: als je denkt dat je echt niet meer kunt, zit je pas op de helft van je krachten. Maar ook dat helpt allemaal niet echt. Ik wil eigenlijk alleen maar zitten, maar dat moet ik niet op de grond gaan doen, want ik kom niet meer overeind. Maar een bankje kom ik natuurlijk niet tegen. Ik begin te slingeren en te struikelen. Ik zie de torens van de kathedraal van Laon al een hele tijd, maar ook die lijken maar niet dichterbij te komen. Maar dan strompel ik dan toch eindelijk Laon binnen. Ik weet dat er een funicolare is die je naar boven naar het centrum van de stad brengt. En vanaf Cessières ben ik al in dubio of ik die zal nemen. Ik heb gezegd geen andere vervoersmiddelen te gebruiken dan de benenwagen, maar mijn voeten doen wel erg zeer. bovendien ben ik groot fan van funicolares. In Italië heb je die ook hier en daar en als elke keer vind ik het een belevenis om er in te zitten (een kinderhand is gauw gevuld). En het scheelt toch weer 3 km. En dus loop ik linea recta naar het treintje, koop een kaartje en stap in. Oh, dat is lekker, even zitten. Maar zoals altijd: je knippert met je ogen en je bent alweer bij het eindpunt, en dus hijs ik me er weer uit. Het is hier overigens wel mooi. Maar eerst naar de VVV. En die ligt naast de prachtige kathedraal. En even krijg ik de schrik van mijn leven als ik zeg dat ik een kamer zoek en ze bij de VVV zeggen dat dat moeilijk zal zijn, omdat er een of ander historisch weekend is. Maar ze belt voor me en het hotel bij het station heeft nog een kamer. En dus weer terug met de funicolare (kon alleen een retourtje krijgen) en naar het hotel. En als ik dan eindelijk op de hotelkamer ben, op bed ga liggen, om mijn voeren te ontzien en weer op wil staan, omdat ik naar de wc moet, stort ik bijna ter aarde. Staan op mijn rechtervoet gaat eigenlijk niet. Het doet overal zeer. Het liefst blijf ik de rest van de dag zitten of liggen, maar ik moet nog eten. Hmm. Is van later zorg.
Alle ellende op een rijtje.
De blaar op de hak van mijn rechtervoet wordt groter. Hij komt inmiddels onder de blarenpleister door.
Ik denk dat ik mijn eerste likdoorn heb gekweekt. Dat weet ik niet zeker, want ik heb zo'n ding nog nooit gehad.
De gewrichten naar mijn tenen toe doen zeer. Is lastig met lopen, want die gebruik je bij elke stap die je zet.
Ik heb bovenop mijn voeten uitslag; waarschijnlijk van de sokken en de warmte.
Een verzorgend voetenbadje lijkt me wel wat. Maar ja, hoe doe ik dat? Iemand nog een andere tip?
En dan nog even dit.
- Esperanza: de kaart is onderweg hoor. En als papa en mama het goed vinden, ga ik met jou in Italië een paar dagen in de bergen wandelen. Dat lijkt mij ook wel wat.
- Janine: fijn om nog even bevestigd te krijgen dat chocola heel goed voor de mens is ;-).
Geen opmerkingen:
Een reactie posten