Vrijdag 13 augustus 2010
Wat heb ik heerlijk geslapen in mijn eigen bed: geen kuilen, geen plank, groot genoeg. ‘No one realizes how beautiful it is to travel until he comes home and rests his head on his old, familiar pillow.’ (Lin Yutang). Vertrouwd komen de ochtendgeluiden binnen: het starten van de auto, het dichtslaan van het portier, de kerkklok. En dan de langverwachte volkoren boterham met hagelslag, een beker melk en een kop thee. Weg zijn was mooi, maar thuis zijn ook. Ik loop de hele ochtend in mijn pyjama. Verhalen vertellen aan mijn moeder die helaas niet bij de aankomst in Rome kon zijn, tas uitpakken, de buurvrouwen begroeten. En ik geniet van de kleine dagelijkse dingen die normaal gesproken meer een verplichting zijn dan vreugde geven: de was doen, de was ophangen, fietsen, boodschappen doen, door Albert Heijn lopen, planten water geven, dode bladeren eruit trekken, koken. Het is alsof ik niet weg ben geweest.
Om even voor zessen komen mijn vader en Max aan. Het was druk op de weg; gisteren hebben ze 13 uur in de auto gezeten, en veel in de file gestaan. Maar ook zij zijn weer veilig thuis. Daarna eten, en even later komen Liesbeth en Anna. Fijn, al mijn geliefden om me heen, maar wel een beetje druk en veel mensen. En ik vind het daarom ook fijn dat ze allemaal weer naar huis gaan en ik alleen in mijn eigen huis ben. Terug naar de stilte. Nu is het echt afgelopen.
En dan nog even dit.
- Sigrid: inderdaad bijgeloof; het was vandaag een mooie dag.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten